Nieuws

(Vergeten?) Registreren

Week 3: Leven op Mars? (deel 2)

Geplaatst op 19-04-2010 om 11u22 door Bert Carrein - 4079 keer gelezen
Nieuws

Op aarde was het er al 3,8 miljard jaar geleden, toen de planeet nog een smeulende, kale rotsbal was. Het is er nooit meer weggegaan. Moeiteloos overleefde het meteoorinslagen en ijstijden. En nu zit het overal waar je kijkt, van de diepste zeebodem tot op de hoogste bergtop. Het leven is het taaiste spul dat we op aarde kennen.

Er zijn drie goede redenen om aan te nemen dat er ooit leven ontkiemde op Mars. Eén: diep in de prehistorie leek Mars op de aarde. Twee: toen Mars op de aarde leek, waren er hier waarschijnlijk al oermicroben. En drie: iedere plek in het heelal ziet er ruwweg hetzelfde uit, met sterren en planeten die rond die sterren draaien. Het is wat dat betreft alleen maar logisch dat wat er gebeurt op aarde, ook gebeurt op andere plaatsen.

Denk bij ‘leven’ overigens niet aan groene wezens met puntoren en een wijsvinger die licht geeft. Denk eerder aan onzichtbaar kleine microben. Op aarde bestaat naar schatting 99,9 procent van het leven uit ééncelligen. Dieren, planten en mensen zijn maar een bijverschijnsel. De bacteriën waren er al 3500 miljoen jaar geleden, het eerste wezen dat groot genoeg was om met het blote oog te zien kwam pas 2900 miljoen jaar later, toen Mars al miljarden jaren lang morsdood was.

Het dorre marslandschap zit vol aanwijzingen dat er ook op Mars ooit warme oersoep werd opgediend. Zo zijn er tafelbergen die op aarde alleen ontstaan als lava over waterijs stroomt. Ook zijn er vulkanen met oude rivierbeddingen in de buurt: een aanwijzing dat er op Mars misschien hete, voedingsrijke waterpoelen zijn geweest. Niemand weet het zeker, maar op aarde is het leven vermoedelijk in of rond zo’n poel vulkaanwater ontstaan. Volgens andere theorieën ontkiemde het leven diep onder de grond. Dat kan op Mars natuurlijk ook.

Of het Martiaanse leven – áls het ooit heeft bestaan – nog steeds leeft, is een andere vraag. Voor zover bekend bestaan er geen bacteriën die langdurig kunnen overleven in het dorre marslandschap. Het marsoppervlak is koud, gedrenkt in straling en droger dan kurk. Als er al leven bestaat op Mars, houdt het zich waarschijnlijk al miljarden jaren schuil onder de grond.

Dat is zo’n wild idee nog niet. Ook op aarde leven er microben op plaatsen waar je in eerste instantie geen leven zou verwachten, zoals in ondergrondse geisers, kilometers diep onder Antarctica. Het is denkbaar dat er op Mars nog altijd wat warme plekken zijn overgebleven, diep binnenin de planeet. Tot 500 miljoen jaar geleden waren er soms nog kleine vulkaanuitbarstingen op Mars.

astronomie sterrenkunde ruimtevaart nieuwsFoto: ALH 84001 is een meteoriet gevonden in Allan Hills, Antarctica. De meteoriet werd gevonden in december 1984 door mensen van het ANSMET-project. De meteoriet werd wereldberoemd omdat NASA dacht dat deze meteoriet het bewijs zou zijn voor leven buiten de aarde. Door de samenstelling van deze meteoriet denkt men dat hij afkomstig is van Mars.

Het is denkbaar dat het Martiaanse leven zich heeft teruggetrokken diep onder de grond of onder de polen. Daar kunnen in theorie op tientallen kilometers diepte nog waterreservoirs zitten, vloeibaar gehouden door de druk van het ijs of door het laatste beetje geothermische warmte van binnenin. Het probleem is alleen: kom er als onderzoeker maar eens bij.

De mogelijkheid dat er géén leven is geweest, bestaat natuurlijk ook. De laatste jaren zijn er weer meer aanwijzingen dat Mars nooit warm, nat en aardachtig is geweest. Dat zou betekenen dat Mars altijd een onherbergzame ijsplaneet was, een onaantrekkelijke plek voor leven.

Een ander probleem is dat er misschien wel marsleven bestaat – maar dat er heel weinig van is. Vijf jaar geleden becijferden twee geologen hoeveel biomassa de planeet Mars in vier miljard jaar tijd eigenlijk zou kunnen maken. De schatting waar ze op uitkwamen, bedroeg slechts een fractie van de aardse biomassa. Dat zou betekenen dat het leven, of wat ervan over is, misschien maar op een paar plekken op Mars te vinden is.

Het marsonderzoek dreigt het hoofd in een conceptuele strop te steken. Als er op Mars géén leven wordt gevonden, en die kans is aanzienlijk, is er altijd de mogelijkheid dat het leven ergens anders zit. Het is makkelijker om aan te tonen dat er wél leven is, dan om te bewijzen dat er géén leven is op Mars. Het gevaar bestaat dat de zoektocht naar marsmicroben net zo’n fnuikende onderneming wordt als de jacht op kabouters, vliegende schotels en monsters van Loch Ness. Dat heeft de geschiedenis al twee keer bewezen: in de zaak-Viking, en in de zaak-ALH84001.

Op zondag 29 juli 2001 gebeurde er in een klein conferentiezaaltje in San Diego iets opmerkelijks. Op het jaarcongres van de ‘Internationale Vereniging voor Optische Technologie’ hield een zekere Gilbert Levin een voordracht over het verval van bepaalde organische chemicaliën in een sterk oxiderende omgeving. De boodschap die daarachter schuilging, was opwindend. Levin beweerde dat de Viking-landers in 1976 microben hadden gevonden op Mars – en dat hij het kon het bewijzen.

Levin heeft recht van spreken. In de jaren zeventig was hij een van de drie bedenkers van de ‘levensexperimenten’ waarmee de marslanders Viking I en Viking II de martiaanse bodem testten op de aanwezigheid van microscopisch leven. Het experiment zou uitgroeien tot een van de meest besproken ruimteproeven uit de geschiedenis.

Levin, van huis uit waterzuiveringsexpert, wilde de marsbacteriën voeden met een soep van zeven organische vloeistoffen. De soep was echter bereid met radioactieve koolstofatomen. Als er werkelijk zoiets bestond als martiaanse microbes, zo redeneerde Levin, dan zouden ze het brouwsel opnemen en de radioactieve koolstofatomen uitwasemen, in de vorm van koolstofdioxide. Viking zou de adem van de bacteriën met een geigerteller kunnen ‘ruiken’. Het resultaat was verbluffend: het experiment gaf een duidelijk positief resultaat met de geigerteller. Bovendien zweeg de teller als het bodemmonster werd gesteriliseerd, waarbij eventueel aanwezig leven werd gedood. De resultaten lieten precies zijn wat er logischerwijze zou gebeuren als er bacteriën bestonden op Mars. Levin raakte ervan overtuigd dat de resultaten ‘consistent zijn met de aanwezigheid van organisch leven’ op Mars, zoals hij het destijds uitdrukte.

Nasa aarzelde, overwoog serieus aan te kondigen dat er levenstekenen waren gevonden op Mars, maar besloot uiteindelijk het officiële standpunt in te nemen dat de rode planeet dood was. Levins experiment ten spijt, vond een meerderheid van de betrokken experts de resultaten niet overtuigend genoeg. Bij twee andere experimenten hadden de Vikings schepjes marszand overgoten met onder meer water, vitamines en aminozuren. Maar hoewel de marsbodem wel degelijk reageerde, waren de resultaten niet eenduidig. De CO2-uitstoot die Levin had gezien, moest zijn veroorzaakt door een nog onverklaard chemisch proces, stelde het Nasa-panel na stemming.

Het bleek het begin van een scheiding der zielen die tot op de dag van vandaag bestaat. Nog altijd is het officiële standpunt dat Viking geen leven heeft waargenomen. En nog altijd houdt Levin vol dat hij in 1976 bacteriën heeft zien ademen op Mars. Bijval heeft Levin ook. Dat komt niet alleen door Levins verwoede pogingen zijn zienswijze aan de man te brengen, maar ook omdat de scheikunde er maar niet in slaagt de uitkomst van het Vikingexperiment te verklaren. Dat was dan ook inzet van Levins lezing in het conferentiezaaltje in San Diego. Samen met een groep collega’s had hij enkele tientallen alternatieve verklaringen voor het fenomeen doorgerekend. En de conclusie was dat er nog altijd geen ‘bacterieloze’ verklaring was voor het experiment met de geigerteller.

Wat ook pleit voor Levins opvatting, is het feit dat zijn experiment veel gevoeliger was dan de andere experimenten. Als er leven zat in de monsters van Viking, dan was Levin degene die het zou moeten vinden.

Elke week wordt er een uitgebreid artikel over onze buurplaneet Mars geplaatst. Deze week: 'Leven op Mars? (deel 2)'.
Volgende week: Leven op Mars? (deel 3)
Vorige week: Leven op Mars? (deel 1)

Bron: The Guidestar: http://www.astro-event-group.be (Janek Kozicki / Arjan vd Star)

Gerelateerde berichten

Lees ook: Raadsels door methaan in marsatmosfeer
Lees ook: Gezagvoerster noemt Marssimulatie "groot succes"
Lees ook: NASA stelt marsmissie uit
Lees ook: Mensen op Mars (deel 1)
Lees ook: Toch geen inslag op Mars
Lees ook: Schommelingen zorgen voor ijstijden op Mars

Bekijk alle berichten uit deze categorie.

Er heeft al 1 iemand een reactie achtergelaten

Jingboo Geplaatst op 07-12-2017 om 18u10 - Quote


Prenez la replique montre de plongée Orthodox Divers Sixty-Five à titre d'exemple, la montre est étanche à 100 mètres. Parfois, certains amateurs de plongée ou amateurs de montres se moquent de cela, que ce niveau d'étanchéité ne suffit pas. Bien sûr, la Patek Philippe Montre professionnelle de plongée laissera sûrement assez de place pour la sécurité. Cependant, la plupart des plongées récréatives ne peuvent atteindre qu'une quarantaine de mètres, ce qui est également le conseil de l'institution de formation en matière de plongée récréative. Et puis profondément dans le domaine de la plongée technique, le besoin d'équipement spécial et de formation continue. 40 mètres, moins de la moitié de la cote d'étanchéité de 100 mètres, même si la fabrication de montres n'a pas atteint la profondeur de marque (bien sûr, il est presque impossible), le porteur a encore une chambre très confortable pour laisser. Montre étanche 200 mètres plus encore. Les propriétaires de Jaeger LeCoultre Montres de plongée, combien vont vraiment plonger? Vraiment plongée, et combien sera plus de 40 mètres de profondeur de la technologie de plongée il? Donc, ces objections à la montre de plongée de 100 mètres sont presque entièrement académiques.