Nieuws

Het aardse warmtetransport

Geplaatst op 10-05-2008 om 16u34 door Bert Carrein - 2925 keer gelezen
Nieuws

Er mag dan wel veel worden gepraat over een wereldwijde opwarming van de aarde (hoewel de argumenten daarvoor steeds minder overtuigend zijn) en over een opwarming die nooit eerder is voorgekomen, maar daarbij houden de voorstanders van deze meningen hovaardig de menselijke maat aan. Wie de temperatuur op aarde vanuit een geologisch perspectief bekijkt, merkt namelijk al gauw op dat het op aarde in de laatste 542 miljoen jaar (de grens tussen Precambrium en Fanerozoïcum) bijna altijd warmer is geweest dan nu. Het Paleoceen-Eoceen Thermisch Maximum (PETM), dat zo'n 55 miljoen jaar geleden optrad, is een van de hoogtepunten van een warm klimaat: het oppervlaktewater van de oceanen was bijvoorbeeld overal op aarde duidelijk warmer dan nu.

Wellicht nog meer illustratief wat betreft vroegere klimaten (waarvan we meer over toekomstige klimaten kunnen leren dan van modellen) is dat gedurende het PETM het temperatuurverschil van het oppervlaktewater bij de evenaar en bij de polen duidelijk geringer was dan nu. Dat blijkt ook tijdens andere perioden waarin op aarde een ongewoon warm klimaat heerste, het geval te zijn geweest.

astronomie sterrenkunde ruimtevaart nieuws

De vraag waarom het warmtetransport van de equatoriale wateren naar de polaire gebieden tijdens een warm klimaat kennelijk anders was dan nu, heeft in de loop der tijd tot diverse hypotheses geleid. Geen enkele daarvan bleek echter een overtuigend antwoord te geven op de talrijke vragen die met dit probleem samenhangen. Als mogelijke oorzaken zijn onder meer genoemd: regionale verschillen in de stralingsbalans van de aarde als gevolg van verschillen in de concentratie van CO2 in de atmosfeer; intenser transport van warm water naar de polen waardoor de temperatuurverschillen tussen oppervlaktewater aan de evenaar en bij de polen verminderde; verschillen in de hoeveelheden en locaties van wolken in de stratosfeer boven de polen; en atmosferische convectiepatronen.

Een recente studie komt (modelmatig ...) met een andere mogelijkheid: tropische cyclonen zouden in perioden met een warm klimaat veelvuldiger zijn geweest dan tijdens koudere tijdsintervallen. Die tropische cyclonen zouden in de tropen het zeewater tot zo'n grote diepte hebben gemengd, dat het oppervlaktewater daar aanmerkelijk kouder zou zijn dan op grond van de atmosferische temperatuur zou mogen worden verwacht. In combinatie met daaruit voorvloeiende veranderingen in de oceanische circulatiepatronen, zou die tropische afkoeling van het oppervlaktewater op zich al zorgen voor een geringere thermische gradiënt tussen evenaar en polen dan nu, omdat immers het oppervlaktewater bij de polen wel opgewarmd werd door de atmosfeer, en niet met koud dieptewater werd vermengd. De huidige klimaatmodellen houden geen rekening met deze mogelijke verklaring van een verschijnsel dat op zichzelf ook al nauwelijks een rol in de modellen lijkt te spelen.

Bron: http://www.astro-event-group.be

Gerelateerde berichten

Lees ook: Waarom is de lucht blauw?
Lees ook: Tunguska-krater misschien gevonden
Lees ook: Grootste centrale op zonne-energie
Lees ook: Gat in de ozonlaag aanzienlijk kleiner
Lees ook: NASA brengt luchtvervuiling van de wereld in kaart
Lees ook: Zonnewende tot zonnewende zonnespoorgrafiek

Bekijk alle berichten uit deze categorie.